!css

Nieuwsflash | De effectentaks nader toegelicht

12/03/2018

Begin februari werd de ’Wet ter invoering van de taks op effectenrekeningen‘ in het Parlement gestemd. Ingevolge de publicatie in het Belgisch Staatsblad op 9 maart 2018 is het startschot gegeven voor één van de meest besproken maatregelen uit het 'Zomerakkoord' rond de begroting 2018.

In een notendop

De taks op effectenrekening (kortweg ‘effectentaks’) is een taks van 0,15% op een gemiddelde waarde van belastbare financiële instrumenten, aangehouden via één of meerdere effectenrekeningen, indien deze € 500.000 of meer bedraagt.

In wat volgt, trachten we enkele aspecten nader toe te lichten.

Wie wordt geviseerd?

De effectentaks viseert enkel de natuurlijke personen die titularis zijn van een effectenrekening. Dit ongeacht of u volle eigenaar, blote eigenaar dan wel vruchtgebruiker bent. Volmachthouders blijven buiten schot.

Ook niet-inwoners zijn in principe onderworpen aan de nieuwe taks tenzij er een dubbelbelastingverdrag van kracht is dat niet uitsluitend van toepassing is op inkomstenbelasting, maar tevens op vermogensbelasting. 

Zo zouden inwoners van o.a. Nederland, Duitsland, Luxemburg en Zwitserland kunnen ontsnappen aan de effectentaks. Dit zou echter niet het geval zijn voor inwoners van Frankrijk, Italië, Portugal, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten.

Vennootschappen en andere rechtspersonen zijn niet geviseerd door de effectentaks.

Welke financiële instrumenten?

De geviseerde financiële instrumenten, indien aangehouden via een effectenrekening, zijn:

  • Aandelen (al dan niet beursgenoteerd),
  • Obligaties (al dan niet beursgenoteerd),
  • Certificaten van (al dan niet beursgenoteerde) aandelen en obligaties,
  • Aandelen van beleggingsvennootschappen en delen in gemeenschappelijke beleggingsfondsen,
  • Kasbons en
  • Warrants.

Pensioenspaarfondsen en beleggingsverzekeringen zijn vrijgesteld. Ook opties, futures en swaps blijven buiten schot.

Hoe wordt de effectentaks berekend?

De effectentaks wordt berekend op een gemiddelde waarde. Deze gemiddelde waarde wordt bekomen door op verschillende ‘referentietijdstippen’ een foto te nemen van uw beleggingsportefeuille. Klassiek is ieder kwartaaleinde een referentietijdstip (31 maart, 30 juni, 30 september & 31 december). Bepaalde gebeurtenissen creëren echter een bijkomend referentietijdstip dat mee wordt genomen in de berekening van deze ‘gemiddelde waarde’. Dit is ondermeer het geval bij het openen of sluiten van een rekening en het toevoegen of schrappen van een titularis.

Voor 2018 zijn er slechts drie klassieke referentietijdstippen: 31 maart, 30 juni en 30 september. Vanaf 2019 zal de effectentaks worden berekend over een periode van 12 maanden die start op 1 oktober van het voorgaande jaar tot 30 september.

Stel, u houdt als enige titularis ononderbroken een effectenrekening aan bij een Belgische bank.

 Referentietijdstippen: periode 2018
 Gemiddelde waarde belastbare financiële instrumenten
 31 maart 2018
 € 860 000
 30 juni 2018
 € 690 000
 30 september 2018
 € 550 000
 Gemiddelde waarde
 € 700 000
 Taks op effectenrekening (gemiddelde waarde x 0,15%)
 € 1 050

 

Indien er meerdere titularissen zijn op één effectenrekening, voorziet de wet een vermoeden dat ieders aandeel gelijk is (‘vermoeden van proportionaliteit’).

Een echtpaar heeft een gezamenlijke effectenrekening en beiden staan geregistreerd als titularis. In dat geval wordt de totale gemiddelde waarde gedeeld door twee om het aandeel van elk te berekenen.

Indien u titularis bent van meerdere effectenrekeningen bij dezelfde bank, dan zal dit geconsolideerd worden.

Hoe wordt de taks ingehouden?

In principe zal u in oktober een overzicht ontvangen van de gemiddelde waarde van de belastbare financiële instrumenten die zijn ingeschreven op uw effectenrekening(en).

Uw bank zal in z’n hoedanigheid van Belgische financiële tussenpersoon automatisch de effectentaks van 0,15% afhouden indien deze gemiddelde waarde minstens € 500.000 bedraagt.

Is dit minder, dan heeft u de keuze en kan u uw bank vragen om alsnog de effectentaks te innen (Opt-in). Dit is aan te raden indien u meerdere effectenrekeningen heeft bij verschillende banken en deze samen de grens van € 500.000 overschrijden. Houdt uw bank niets in aan de bron en is de totaliteit van de effectenrekening over verschillende banken heen minstens € 500.000, dan bent u zelf verantwoordelijk voor de aangifte en betaling van de effectentaks.

Merk op dat de fiscus via de aangifte personenbelasting zal peilen naar ‘het bestaan van meerdere effectenrekeningen’.

Teruggaaf mogelijk?

Door de gelijke proportionele verdeling in geval van meerdere titularissen, kan het gebeuren dat er meer wordt ingehouden dan indien er rekening zou worden gehouden met de werkelijke of contractuele eigendomsverhoudingen.

Op basis van de nodige bewijsstukken kan u een teruggaaf vragen bij de fiscus. Het is echter nog wachten op de praktische modaliteiten die via een Koninklijk besluit zullen worden bepaald.

Tot slot

Vermeldenswaardig is dat er twee specifieke anti-misbruikbepalingen in de wet werden opgenomen om bepaald ontwijkingsgedrag te ontmoedigen. Zo is de inbreng van een beleggingsportefeuille in een vennootschap met als enig doel het ontwijken van de taks geviseerd. In dat geval wordt de inbrenger aanzien als de titularis.

Tevens is de omzetting in aandelen op naam geviseerd als deze heeft plaatsgevonden vanaf 9 december 2017. In de laatstgenoemde situatie worden gedurende de lopende periode de aandelen toch als belastbaar instrument beschouwd. Aandachtspunt is dat u als titularis gedurende de lopende periode zelf zal instaan voor de aangifte en betaling van de effectentaks op deze omgevormde aandelen.

Heeft u vragen, aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. We zien het als onze taak om u te begeleiden in dit snel wijzigende fiscale landschap.

 
Deze publicatie is een communicatie van louter informatieve aard zonder enige contractuele waarde, die niet werd opgemaakt overeenkomstig de regelgevende bepalingen ter bevordering van de onafhankelijkheid van financiële analyses en de verlener van beleggingsdiensten is niet onderworpen aan het verbod om transacties op het desbetreffende instrument te verrichten.
De inhoud van dit document is niet bedoeld als beleggingsadvies noch als een andere investeringsdienst en betreft noch een aanbod, noch een persoonlijke aanbeveling noch een advies voor een aankoop, voor een intekening of een verkoop van investeringsdiensten of financiële producten vanwege Société Générale Private Banking NV. De informatie in dit document betreft geen juridisch, fiscaal of boekhoudkundig advies.
U blijft verantwoordelijk voor het beheer van uw activa en u behoudt de vrijheid over uw beleggingsbeslissingen.
Société Générale Private Banking, noch enige andere vennootschap van de groep Société Générale kan aansprakelijk worden gesteld voor de eventuele onjuistheid, onvolledigheid of het oneigenlijke gebruik van dit document.
De inhoud van dit document valt onder de toepassing van het auteursrecht en is de intellectuele eigendom van Société Générale Private Banking NV. Het document mag niet zonder voorafgaandelijke schriftelijke toestemming van Société Générale Private Banking NV worden gerepliceerd, noch gedistribueerd.
Onderhavige publicatie wordt voorgesteld door Société Générale Private Banking NV, een Belgische kredietinstelling naar Belgisch recht, die gecontroleerd wordt door en onder toezicht staat van de Nationale Bank van België (NBB) en van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (FSMA) en onder prudentieel toezicht staat van de Europese Centrale Bank (ECB). Société Générale Private Banking NV staat bij de FSMA geregistreerd als verzekeringsmakelaar onder het nummer 61033A. De maatschappelijke zetel van Société Générale Private Banking NV is gevestigd te Kortrijksesteenweg 302, 9000 Gent en staat geregistreerd in het rechtspersonenregister van Gent onder het btw-nummer BE 0415.835.337. Meer details zijn op verzoek verkrijgbaar of zijn terug te vinden op www.privatebanking.societegenerale.be.